Vandaag wordt beslist over de toekomst van Club Brugge: geeft de Vlaamse Regering groen licht voor de bouw van een nieuw stadion of niet (ondertussen is de beslissing nogmaals uitgesteld)? General manager Filips Dhondt legt uit waarom blauw-zwart per se weg wil uit Jan Breydel en nood heeft aan een nieuw complex: een verhaal over capaciteit, mobiliteit, comfort en commercie. De tien grootste knelpunten op een rijtje.
1. Te weinig plaatsen
Met een maximumcapaciteit van 28.524 is het Jan Breydelstadion het grootste clubstadion van België, maar voor de populairste club van het land blijkt dat niet voldoende. “Wij hebben 70.000 geregistreerde supporters”, zegt Filips Dhondt. “Vorig jaar bedroeg de gemiddelde bezettingsgraad in ons stadion 96 procent, vakken voor bezoekende supporters niet mee geteld. Het gebeurt vaak dat wij mensen moeten weigeren. Trudo De Jonghe, Vlaanderens bekendste sporteconoom, berekende dat Club in een groter stadion 35.000 tot 38.000 abonnees zal trekken.”
2. Amper business-ruimte
Het Constant Vanden Stock-stadion van Anderlecht telt vandaag 39 loges (van 10 of 12 personen) en 1.529 business seats. Club Brugge beschikt over één loge van 30 personen en 460 business seats. “Veel te weinig”, zegt Dhondt. “In onze verschillende restaurants kunnen we ongeveer 500 mensen bedienen, terwijl we op topdagen meer dan 4.000 aanvragen hebben.”
3. Geen eigendom
“Een club die geen eigenaar is van z’n stadion is beperkt in zijn mogelijkheden”, zegt Dhondt. “In principe mogen wij het stadion enkel gebruiken van drie uur voor de wedstrijd tot vijf uur erna. Wij zijn de stad Brugge dankbaar dat ze in praktijk erg soepel is, maar dan nog. Congressen organiseren of kantoorruimte verhuren is voor ons geen optie. Ik geef maar een fictief voorbeeld: waarom zou Dexia, onze hoofdsponsor, zijn hoofdkantoor voor West-Vlaanderen niet in ons nieuwe stadion kunnen onderbrengen?”
4. Commercieel beperkt
Dhondt meent dat de verhuis naar een moderner en groter stadion het budget van Club een serieuze boost zou geven. “In de competitie draaien we vandaag op 18 miljoen euro, in een nieuw stadion kan daar 50 tot 60 procent bovenop komen. Via merchandising en de verkoop van onze tv-rechten kunnen we niet veel winst meer boeken, daarvoor is België te klein, maar wel via ons stadion.Bijvoorbeeld door de stadionnaam te verkopen, commercieel een héél interessant idee. Vraag maar aan Genk waarom ze hun Fenixstadion in Cristal Arena hebben omgedoopt. Op dit moment gaat er bij Club Brugge heel veel potentieel verloren, op vele vlakken.”
5. Cohabitatie met Cercle
Doordat Club zijn stadion deelt met Cercle verliest het de helft van de beschikbare ruimte èn een deel van z’n vrijheid. Dhondt: “Het stadion personaliseren kan niet. Wij zouden graag blauw-zwarte accenten aanbrengen, maar de gemeenschappelijke delen moeten neutraal blijven.” Bovendien kost het heel wat geld en mankracht om elke week de reclameborden en interieur-elementen te vervangen.
6. Verouderd gebouw
“Dit stadion heeft fantastische diensten bewezen», zegt Dhondt. «Ooit was het bij de modernste van Europa, maar vandaag is het verouderd. Bouwtechnisch gezien is alles nog in orde, maar het hele stadion, van sanitair tot cafetaria, mist uitstraling. Anderlecht, Genk, Standard en zelfs Bergen kunnen verhoudingsgewijs een beter product aanbieden aan hun klanten. Ook AA Gent zal dat weldra kunnen met z’n nieuwe stadion.”
7. Moeilijk bereikbaar
In 1975, bij de bouw van het toenmalige Olympia-stadion, lag de huidige site midden in de velden. Maar dertig jaar later is het Jan Breydelstadion opgeslokt door de oprukkende verstedelijking. “Met verkeersproblemen tot gevolg”, aldus Dhondt. “Om de paar kilometer van de afrit van de autostrade naar het stadion te overbruggen, heb je op matchdagen anderhalf uur nodig.”
8. Midden in woonbuurt
“De ligging van het Jan Breydelstadion bemoeilijkt het werk voor de politie en de Veiligheidsdienst van Club Brugge aanzienlijk”, weet Dhondt. “Ik zeg niet dat er een veiligheidsprobleem is, want er zijn nooit rellen, maar ‘massabeheersing’ is hier niet evident. Er komen heel wat straten en straatjes uit op onze site en die moeten allemaal gecontroleerd worden.”
9. Geen parkeerplaats
Een bijkomend probleem door de ligging is het beperkte aantal parkeerplaatsen in en om Jan Breydel. “Wij hebben 111 VIP- parkeerplaatsen en 500 gewone parkeerplaatsen”, zegt Dhondt. “De meest ervan zijn heel mooi gelegen tussen het groen, maar de capaciteit is veel te beperkt. In ons nieuw project voorzien we zo’n 9.000 parkeerplaatsen.”
10. Beperkte mediafaciliteiten
“Officieel zal Club vanaf volgend seizoen geen Champions League- voetbal meer kunnen spelen in het Jan Breydelstadion”, zegt Dhondt. “De nieuwe UEFA-reglementen eisen bijvoorbeeld dat de thuisclub een tv-studio met zicht op het veld voorziet. Die is er niet. Als het zover komt, zullen we moeten behelpen met een container in de tribune. Ook onze ‘mixed zone’ en onze tv-platformen zijn niet zoals het hoort.”
‘HLN’ 12/09/’08

